stu·ka·door (de ~ (m.), ~s)
1 iemand die voor zijn beroep bepleisteringen op muren en plafonds aanbrengt
stu·co·miek (de ~ (m.), ~s)
1 iemand die met veel plezier en enthousiasme bepleisteringen op muren en plafonds aanbrengt. Hij wordt gekenmerkt door zijn zonnige blik op het leven.
In 2001 is het bedrijf Stucomiek opgericht door mij, Jorrit Kersteman. Vele jaren daarvoor ben ik begonnen als schilder, en kreeg steeds meer plezier in het werk en het uitvoeren van de werkzaamheden. Naar verloop van tijd ben ik stucwerk erbij gaan doen. Dit laatste heeft vervolgens er toe geleid dat ik fulltime stukadoor ben geworden. Zoals u hierboven aan de definitie kunt lezen heb ik mijn eigen bedrijf Stucomiek genoemd, dit omdat mijn medewerkers en ik houden van gezelligheid, plezier en de nodige dosis humor. Nu bestaat mijn eigen bedrijf al ruim zes jaar en het gaat nog steeds ontzettend voorspoedig. Stucomiek is onlangs uitgebreid met een showroom aan de Lireweg 80 in Nieuw-Vennep, waar wij op dit moment volop aan de slag zijn om alles in orde te maken. Ik hoop u daar eens te zien!
Met vriendelijke groet,
Jorrit Kersteman
De enige echte "Stucomiek"